Foto's en informatie over Tsjechië - Beskydy gebergte

Home

Intro Praag Moravië Boheems paradijs Land van Macha
  Kastelen Sumava & Lipno IJzer (Iser) gebergte Reuzen gebergte
Mikulov, Valtice, Lednice Beskydy gebergte Blansko & Moravische karst
a

Het Beskydy gebergte
Het Moravisch-Seselische Beskydy gebergte is gelegen in het oostelijk deel van Tsjechië in noord Moravie. Het gebied grenst in het noorden aan Polen en in het oosten aan  Slowakije. Het Beskydy gebergte is een langgerekt gebergte dat van noord naar zuid loopt. Zijn hoogste piek is meer dan 1000 meter boven de zeespiegel. Het landschap met lange rollende heuvels is bedekt door bossen en weidegronden. Het gebied is ideaal voor een heerlijke wandeling,  fietstocht of langlaufen in de winter. Het Beskydy gebergte is een perfect voorbeeld van de natuur ongeacht in welke tijd U het komt bezoeken. De prachtige omgeving biedt een ruime keus aan sportmogelijkheden, alsmede culturele en onderhoudende programma's voor zijn bezoekers.

Er zijn mogelijkheden voor mensen die geďnteresseerd zijn voor historisch schermen, er zijn historische markten, en muzikale concerten. In de dorpen tegen de bergen of in de valleien zijn eveneens vele activiteiten waarin U als toerist kunt participeren. Dat kan onder andere wandelen, fietsen, langlaufen, paragliding, of HTK zijn. HTK is een Tsjechische term wat betekent een combinatie van meerdere sporten dat ontworpen is om geest, kracht en gezond leven te promoten. Tevens is het gebied rond het Beskydy gebergte rijk aan behouden relikwieën. Onder deze unieke collectie van Heilige gebouwen bevinden zich kerken, synagogen en ander gebouwen tot verering die allemaal gemaakt zijn van steen of hout uit de omgeving. De oudste onder hen is geconstrueerd in de eerste helft van de 10e eeuw en de laatste stamt uit 1930. Onnodig om te zeggen dat het Beskydy gebergte behoort tot een regio met rijke culturele tradities. Deze tradities worden in ere gehouden door menig folklore festival, en in het bijzonder genie en musicus Leos Janacek. Zijn geboortestad Hukvaldy is gastheer van het gelijknamig jaarlijks muziekfestival.

Klik op de kleine foto's voor een vergroting.

Het openlucht museum in Rožnov pod Radhoštěm - Valašská

Klein houten stadje
Dit klein houten stadje is het oudste gedeelte van het museum. De indeling is een ruwe imitatie van het plein in Roznov die met trots een aantal getimmerde burgerwoningen toont tot de 2e helft van de 19e eeuw. De poging om de huizen te redden, leidde tot een verplaatsing van de huizen naar het stadspark Hájnice. Dankbaar gaf het gestalte aan een schilderachtig gebied in elk seizoen van het jaar. Naast de originele burgerhuizen kunt U vervolgens het gemeentehuis, de herberg, het onderkomen van de rentmeester van Velké Karlovice, het kleine getimmerd kerkje St. Anna van Větřkovice en de herberg "Na posledním groši" bezichtigen. Het gebied is compleet door een aantal kleine huizen, waarbij U beter de technische handigheid van de timmermannen en dakdekkers kunt bewonderen. Sinds vele jaren is het museum beroemd om zijn jaar in, jaar uit activiteiten, geďnspireerd door zijn agenda van Volks gebruiken. Het publiek blijkt zeer gesteld te zijn op de wekelijkse programma's die gespecialiseerd zijn in het presenteren van de oude en verdwijnende manier van land bewerking, huishoudelijke karweitjes en vakbekwaamheid. Diegenen die de uitnodiging van het museum accepteren, kunnen een volle dag lang zeer bijzondere momenten beleven in huizen die al verscheidene eeuwen ademen. Bewonder de handigheid en de gave van deze artistieke uitdrukking. Als aanvulling van Uw bezoek kunt U een bezoek brengen aan het café of de herberg "Na posledním groši" waar U de traditionele Valašská gerechten kunt proeven. Tevens zullen het postkantoor en de souvenirwinkel Uw verwachtingen ook niet teleurstellen. Het museum veranderd in elk seizoen van het jaar, maar Uw gastheren en de medewerkers van het museum zorgen voor een optimale constante service.

Klik op de kleine foto's voor een vergroting.

Watermolen vallei
De watermolen vallei is samengesteld uit technische gebouwen die sinds 1982 gelegen zijn op een stuk land rond de originele waterstroom. Het zijn de wolmolen, die kleding maakt van het gesponnen wol (garen / draad), de zaagmolen om planken te zagen, de oliedrukker en de hamermolen. In tegenstelling tot andere openlucht musea zijn alle gebouwen in bedrijf, en de molenaars, zagers en smeden zorgen dagelijks voor het bewijs hiervan. Elk van deze bouwwerken zijn uitgerust met mechanismen die aangedreven worden door de waterkracht en / of menselijke inspanning. Al dit is een uniek bewijs van de menselijke creativiteit, respect voor het karakter van natuurlijke materialen en het talent om het beste gebruik te maken van de mogelijkheden die de natuur biedt. Met uitzondering van de oliedrukker, die uit de 17e eeuw komt, zijn deze gebouwen (de wol-, zaag- en de watermolen) replica's van diegene zoals ze de inwoners van Velké Karlovice voor meer dan 200 jaren gediend hebben. Hout is hier dominant als bouwmateriaal van de huizen, de watermolen, de zaagmolen etc. als zowel hun aandrijfmechanismen. Herhaaldelijk bent U zich ervan bewust van deze unieke samenwerking tussen mens en natuur, die al generaties voortduurt. De hamermolen is van grote betekenis in relatie tot de rest van de gebouwen in de watermolen vallei. Het is een stralend voorbeeld van het menselijke vermogen om voordeel te halen uit alles wat de natuur biedt, het stromend water, het hout en het ijzererts. Dit huis van bakstenen met zijn hoog dak is een reconstructie van de hamermolen Tadeáš. Het is één van de drie die gerund werd door de Aartsbischop's ijzerwerken / fabriek aan de rivier de Ostravice. Dit bedrijf produceerde landbouwwerktuigen, scheppen, pikhouwelen, spijkers en scharnieren. Tegenwoordig kunt U hier de smeden ontmoeten die hun tijd achter het aambeeld doorbrengen gedurende het seizoen. Trouwens er is een kleine schuur aanwezig naast de hamermolen, die dienst doet als "kantine", waar de smeden kunnen schaften, en waar de griezelige verhalen van hun leven als smid worden verteld.


Valašská dorp
Het Valašská dorp bezet het grootste gebied van het museum. Zijn constructie is begonnen in het jaar 1962, en het is tot nu toe nog niet afgerond. Bijna elk jaar worden nieuwe woonhuizen en boerderijen bijgebouwd op plaatsen die daar op voorhand al voor gereserveerd zijn. Individuele gebouwen zijn gebouwd in verschillende delen van het Valašská dorp, waarbij bewust en verstandig rekening is gehouden met het gevoelig karakter van de omgeving. Hun doel is om de typische menselijke woonomgeving te reconstrueren zoals die al generaties lang bij deze lokale bevolking is aanwezig is. Groepen van woonhuizen en boerderijen afgewisseld met kleine veldjes, fruitbomen, kleine tuintjes, bijenkorven en weiden met vee. Het gebied leeft enorm door het fokken van paarden, ander vee en het houden van kippen. Alhoewel de grootste attractie wel de schaapskudde, genaamd "valašška" is, die opgenomen is in de Europese genenvereniging. Het interieur van 10 getimmerde huizen zijn voorbereid op Uw bezoek, tezamen met boerderijen, een bron, een fruitdrogerij, een school, een klokkentoren, een windmolen en een smederij. Één van de boerderijen wordt het hele jaar door gebruikt voor het fokken van vee. Verder vindt U hier de herberg " Štůrala", waar U de mogelijkheid wordt geboden om te genieten van traditionele gerechten. De gebouwen in het Valašská dorp zijn zodanig gebouwd, waardoor het een ideale plaats is om speciale programma's te realiseren die zich concentreren op agro-cultureel werk, huishoudelijk werk en andere gewoontes die gerelateerd zijn aan het werk op de boerderij en in het gewone familieleven. Het meest populaire programma is "Kerstfeest in het dorp" die door zijn ongeëvenaarde atmosfeer ons enorm aan onze kindsheid herinnert.

Klik op de kleine foto's voor een vergroting.

Hierboven enige schilderingen van Mikoláš Aleš. U vindt ze in een dezer huizen.

Het Pustevny gebied
Het Beskydy gebergte is al een beroemd toeristengebied sinds het midden van de 19e eeuw. De toeristen vereniging " Pohorská Jednota Radhoš" die in 1884 is opgericht in Frenštát pod Radhoštěm heeft een enorme bijdrage geleverd aan de bekendheid van het gebergte. De leden van deze club kochten een stuk grond met een aangename ligging in het district Prostřední Bečva waar in 1891 het eerste gasthuis, of misschien beter gezegd opvanghuis voor bezoekers werd gebouwd. Het kreeg de naam " Pústevňa", ter herinnering aan het origineel die in 1784 gesloten was. Erg gauw, want dit opvanghuis kon niet meer in de vraag voorzien, door de vele toeristen, werd 3 jaar later een tweede gebouwd, genaamd " Šumná". In de 90er jaren van de 19e eeuw werd Pustevny een enorm populair toeristengebied. Pohorská Jednota vroeg de Slowaakse architect Dušan Jurkovič die op dat moment in Vsetín werkte, voor een samenwerking om andere gebouwen te realiseren. Hij ontwerpt en realiseerde vervolgens nog twee extra opvanghuizen in een stijl die sterk beďnvloed is door de volksarchitectuur. In 1898 werd Maměnka gebouwd en een jaar later Libušín. Het interieur werd ontworpen door Dušan Jurkovič dat zeer werkzaam was door compositie- en kleurinspiraties uit de volkskunst. Het bevat tevens beschilderingen van historische momenten die ontworpen zijn door Mikoláš Aleš. Het naaste klokkentoren behoort tevens tot deze set van gebouwen. De huizen hebben gefunctioneerd tot het begin van de negentiger jaren van de 20e eeuw. Alhoewel na de 2e Wereld Oorlog begon hun technische conditie continu af te takelen. Sloop leek eigenlijk de enige oplossing, maar in 1995 toen de aanvraag tot Nationale monumenten van deze set huizen werd goedgekeurd en het herstel onder leiding van het
Valašská - openlucht museum kwam, leken deze gebouwen te zijn gered. Het museum organiseerde een algehele renovatie, restauratie en reparatie van deze gebouwen, voor zowel binnen als buiten. Hierbij volledig rekening houdend met de originaliteit. In 1998 maakten de restaurateurs een interventie in de decoratie van de klokkentoren, en een jaar later Libušín en Pustevenka, en in 2003 ging Maměnka open voor het publiek.

a

Het kasteel Hukvaldy 
Het kasteel ligt op de top van een langwerpige heuvel. Deze heuvelrug heeft orientatie richting noordwest en zuidoost. Het ligt zeker 200 meter boven de rivier de Ondrejnice. Oorspronkelijk waren er twee gescheiden kastelen, die elk aan het uiteinde van deze 190 meter lange top stonden. Een paar eeuwen later zijn ze verbonden met beschermmuren waardoor beide kastelen een soort van fort vormden. 


De naam van het kasteel bleef eigenlijk voor een lange tijd onverklaard. Er waren speculaties dat het woord "Hukvaldy" een mutatie van het Duitse woord "Hukes Wache" was, wat zoiets betekende als Huke z'n wachttoren. Niemand wist echter wie Huke was. In enige documenten die in de regio werden gevonden, en dateren uit het jaar 1240, vond men een regel: "Arnold komt met z'n Huckeswagen". Het klonk eigenlijk wel een beetje hetzelfde als de naam van het kasteel, wat suggereert dat dit waarschijnlijk de originele eigenaar was. Deze ridder, Arnold van Huckeswagen, werd ooit uitgenodigd in Moravië door Koning Premysl Otakar I om te praten over een huwelijk tussen de dochter van Premysl genaamd Anezka en Koning Henry III van Engeland. Dit huwelijk heeft nooit plaatsgevonden, maar Arnold bleef hier wonen en werd beloond met een stuk land in noord-oost Moravië, waar na 1250 waarschijnlijk door kinderen van Arnold de constructie begon van het kasteel Hukvaldy. 

De zoon van Arnold Huckeswagen verkocht het kasteel halverwege de 13e eeuw aan de rijk en machtige Bisschop Bruno van Olomouc, die voor welvaart in het kasteel zorgde. Na de dood van Premysl Otakar II brak er oorlog uit, en het kasteel werd slachtoffer van vijandige aanvallen van buurlanden uit Opava. Na de dood van Bruno en na de moord op Vaclav III in 1306 verslechterde de financiële situatie van het bisdom van Olomouc zodanig, dat in 1316 het kasteel moest worden verpand. Gedurende vele jaren gebeurde dit herhaaldelijk, maar toen probeerden de Bisschoppen van Olomouc, om het definitief terug te krijgen. Tijdens de regeringsperiode van Koning Karel IV werd de kerk wederom sterker, de Bisschop van van Olomouc werd gepromoveerd door de Koning, en in 1355 was het Bisdom van Olomouc weer in staat om het kasteel terug te kopen. Het werd herbouwd en vergroot en een pauselijke bul van 1359 en 1360 verbood de Bisschoppen om het kasteel ooit weer te verpanden. Maar na de dood van Karel IV, gedurende zwak regiem van zijn zoon Vaclav IV, kwamen de Bisschoppen van Olomouc wederom in financiële problemen en gaven het, ondanks het pauselijk verbod weer in onderpand. Voor meer dan 100 jaren werd tevergeefs geprobeerd om het kasteel terug te krijgen.
Het had vele eigenaars in die tijd. Onder andere: de Koning van Hongarije, Keizer Zikmund, Hussieten commandant Jan Capek en de Tsjechische Koning Jiri z Podebrad. Door hulp van Bisschop Taso van Boskovice kwam het in 1469, toen Matyas Korvin gekozen was als Koning, wederom, en uiteindelijk in bezit van het Bisdom van Olomouc. In de laatste 25 jaar van de 15e eeuw vond een stevige reconstructie plaats. Gedurende deze reconstructie werd het leefgedeelte, namelijk het zuidoostelijk deel vergroot en aan de noordoost kant werd een nieuw gebouw bijgebouwd genaamd "Kulatina". Ook was een verbetering van de algehele bescherming nodig, want het gevaar van een Turkse aanval dreigde. In 1529 waren de Turken al tot Wenen genaderd. In de eerste helft van de 16e eeuw kregen nieuwe humane en hervormde Bisschoppen de leiding van het Bisdom van Olomouc. Onder hun leiding werd er een nieuw renaissance paleis gebouwd in het noordelijk gedeelte van het kasteel, en tevens een gevangenis voor "slechte" priesters. Verder werd de bescherming nog verder uitgebreid. Een belangrijke stap hierbij was het verbinden van noord en zuidkant met elkaar door een stevige stenen vestingmuur, en het graven van een 146 meter diepe waterput, waardoor het water bevoorrading probleem was verholpen. Een volgende stap was het aanleggen van een beroemde tuin.

Een volgende generatie loste weer hun financiële problemen op, door het kasteel te verhuren aan de stad Pribor. Doordat de nieuwe eigenaar niet zo goed voor het kasteel zorgde kwam het onder zware druk tijdens de burger opstand in 1598 dat eindigde na de "slag om de Witte Berg". In 1626 overleefde het kasteel door toch enorme beveiliging een aanval van 9 maanden door Deense troepen. De nieuwe Kardinaal Leopold Vilem, zoon van Ferdinand II besliste, mede door de sterke verdedigingskracht van het kasteel, dat het weer in het bezit moest komen van het Bisdom van Olomouc. Leopold Vilem verwijderde de oude renaissance vestingmuren en construeerde in plaats hiervan een nieuw en sterker barokke vesting met uitkijktorens. Deze nieuwe situatie was in staat om aanvallen van de Zweden te voorkomen in 1643 en 1645, van de Thokoly in 1680 en alle andere aanvallen gedurende de Silesische oorlogen in 1742 en 1753.

Klik op de kleine foto's voor een vergroting.

Op 5 November of Oktober in 1762 was er een grote brand, die dit trotste kasteel in puin veranderde. Gedurende de 19e eeuw was als enige een romantische gedachte sterk genoeg om een poging te doen het kasteel te behouden voor de volgende generaties. Jammer genoeg diende de ruďne van het kasteel alleen als een soort bouwmateriaal voor omliggende groeiende steden, dat alleen maar bijdroeg aan een verslechtering van zijn staat. Tegenwoordig is er veel steun om het kasteel in betere conditie te brengen, en reconstructies zijn nog steeds bezig.

 

  © Copyright and Design - http://www.zinger-travel.com/  -  2003